Anke werkte voorheen in de kinderopvang en is daarom behalve leesconsulente dBos ook onze specialis

woensdag 7 februari 2018

Begrijpend luisteren als opmaat naar beter leesbegrip

Scholen waarmee we samenwerken zijn altijd op zoek naar verbeteringen van de dingen die ze al doen. Momenteel merken we dat de focus regelmatig ligt op begrijpend luisteren in de onderbouw als opmaat naar begrijpend lezen in de hogere groepen. Begrijpend lezen is sterk gericht op kennis hebben en op kennis afleiden. Begrijpend luisteren ook. En scholen die de begrijpend leesresultaten willen verbeteren, doen er goed aan in de onderbouw te beginnen. 

Een goede begrijpend lezer heeft behalve een vlotte leestechniek en een goede woordenschat ook een aantal leesstrategieën in zijn repertoire om teksten beter te begrijpen: voorspellen, samenvatten, afleiden, verbinden, visualiseren, woordleerstrategieën en vragen stellen. Ze zullen niet onbekend klinken, want ze komen in alle recente onderzoeken en in de gangbare methodes terug.

Maar hoe deze strategieën te oefenen met kinderen die het lezen zelf nog niet hebben geleerd? Redelijk eenvoudig: voordoen tijdens het voorlezen. Laat kinderen weten wat jij als ervaren lezer voor strategieën toepast om een verhaal goed te begrijpen. Als je het voorlezen nét iets anders aanpakt geef je kinderen strategieën mee die ze zelf gaan toepassen tijdens het latere lezen. 

Strategie voorspellen oefenen
Hoe? In deze Werkmap Begrijpend luisterenen woordenschat van het CPS staan tot in detail uitgewerkte voorbeeldlessen bij diverse prentenboeken. Per boek worden meerdere strategieën uitgewerkt. Wanneer wij er zelf mee werken, kiezen we er trouwens wel voor om één strategie per voorleesbeurt te modelen. Dan is duidelijk voor de leerlingen waar we naar toe willen. Alle mogelijkheden en lagen van een boek benutten in één les leidt tot verwarring. Laat gerust iets liggen en besluit daar de volgende keer expliciet aandacht aan te besteden. 

Tips bij modelen:
  • Niet vragen maar voordoen
  • Benoem één leerdoel: vandaag gaan we dit verhaal samenvatten
  • Houd het simpel: als leerlingen snappen waar je heen wilt, komt hun leren op gang
  • Gebruik vaste scripts, dat roept herkenning op. Bij voorspellen kan dat bij voorbeeld zijn:
Als ik de titel bekijk, dan lees ik: Ik moet zó nodig
Als ik naar het plaatje kijk, dan zie ik een jongen met een benauwd gezicht en een verkrampte houding. 
Ik voorspel dat dit boek gaat over een jongen die nodig moet plassen maar niet kan. 



Bij samenvatten dan dat bij voorbeeld zijn: 
'Ik doe het boek even dicht en ik herhaal het belangrijkste uit het verhaal. Ik zeg de drie belangrijkste dingen nog een keer:.... Nu gaat het boek weer open en ik lees verder.'

Naast deze tips bij het modelen is ook de wijze van interactie tijdens zo'n les iets om over na te denken. Vanzelfsprekend zoek je naar betrokkenheid. Vaak doen we dat door vragen te stellen. Maar pas op voor de valkuil. Vraag je kinderen wat zij denken, dan kan het alle kanten opgaan. Dat is niet altijd erg, maar wel als het je doel is om samen te leren wat bij voorbeeld samenvatten is. Doe voor, model, vertel, laat zien, want jij weet hoe het moet. Eenmaal afgerond? Stel dan pas vragen. Bij voorkeur vragen die aanzetten tot denken of vragen die uitlokken tot ‘zelf doen’. Een denkvraag bij Rupsje Nooitgenoeg zou bij voorbeeld kunnen zijn: waarin zijn een cocon en een jas hetzelfde? 
(bron: Training Begrijpend luisteren en woordenschat, CED Rotterdam, zomer 2017) 

Bij interactief voorlezen gaat het vooral om betrokkenheid en stap je ook uít het verhaal. Hier niet. Interactief voorlezen is daarmee beslist geen verkeerde manier van voorlezen. Het dient alleen een ander doel. Bewaar dat voor een volgende voorleesbeurt. Kinderen vinden het sowieso leuk om hetzelfde boek meer dan eens te horen. 

Het betrekken van achtergrondkennis kan ook aanleiding zijn om uit het verhaal te stappen. Doe voor hoe je in het verhaal blijft. Na de les is er ruimte voor uitstapjes. Een voorbeeld: in het boek Neushoorns eten geen pannenkoeken komt Maartje op het punt dat ze met een imaginaire neushoorn praat. Hier kun je eigen achtergrondkennis combineren met het verhaal en zo informatie afleiden (de bedoelde strategie). 'Ik lees dat de vader en de moeder van Maartje druk zijn. En ik weet dat als je heel druk bent, je heel weinig aandacht hebt voor andere dingen. Ik lees ook dat de vader en moeder van Maartje niet naar haar luisteren als zij iets zegt. Als niemand naar mij luistert voel ik me erg alleen. Ik denk dat Maartje zich ook alleen voelt en tegen de neushoorn praat om zich minder alleen te voelen.' 
(bron: Werkmap Begrijpend luisteren en woordenschat; CPS Onderwijsontwikkeling en advies, januari 2015) 


Een map vol ideeën om in de praktijk uit te voeren dus. Houd het simpel en proberen maar! Of neem contact op met bv. het CED als jouw team een complete training wil volgen. 

maandag 11 september 2017

Zomertheaterlezen

Als deelnemers aan een mooie stimuleringsregeling* steken Kindcentrum Ontdekrijk (voorheen OBS De Octopus) en Bibliotheek aan den IJssel extra tijd en middelen in het verstevigen van de leescultuur op school. Eén van de concrete vragen die voortvloeide uit de gegevens van de landelijke monitor was hoe we groep 6 (voor de vakantie nog groep 5) tijdens de zomer aan het lezen konden krijgen en/of houden. 

Theaterlezen vinden veel kinderen leuk, dus we besloten dat als middel te nemen. Vlak voor de vakantie is er uitgebreid en onder begeleiding door alle leerlingen geoefend met een theatertekst. Het samen lezen gaf iedereen plezier en door het herhalen van dezelfde tekst ervaarden de leerlingen zelf duidelijk hun eigen vooruitgang. Een tweede succeservaring volgde toen ze mochten voorlezen in andere klassen. Zichtbaar ontroerd waren de leerkrachten van de NT2-klas toen zij twee van hun leerlingen De coole cowboy hoorden voorlezen. 


Vervolgens hebben we flink uitgepakt om de ouders uit te nodigen en de klas in te krijgen, want dit leesplezier wilden we met hen delen met het doel om het vast te houden tijdens de vakantie. En hun hulp konden we daarbij goed gebruiken. In no time hadden we een filmpje gemaakt, gerechten uit kookboeken gevonden, thee en limonade geregeld. De kinderen hebben zelf een culinaire ontvangst en een voorleespresentatie voorbereid. 





Aan het einde van de presentatie was er een verrassing voor alle klasgenoten: de vakantietas met voor iedereen onder andere twee gloednieuwe exemplaren van Kikkers, kikkers nog meer kikkers te leen voor de komende 6 vakantieweken. Dit werd mogelijk gemaakt met medewerking van (theater)leesexpert Elseline Knuttel van (web)winkel Leestletters



De tas werd enthousiast ontvangen, want de klas had ervaren hoe leuk het theaterlezen was geweest. Toen de geplande theaterleesactiviteiten voor de zomervakantie ter sprake kwamen waren veel leerlingen van plan om daaraan deel te nemen. Het werkelijke aantal deelnemers bleef uiteindelijk sterk achter, maar voor wie er wel was, was het te gek. Lezen werd mooi lezen en mooi lezen werd spelen. En alles met veel plezier en onder begeleiding van theaterdocente Anne Goedhart. 'Het is erg mooi om het proces te zien dat zich voordoet tijdens het theaterlezen. Bij de eerste lezing gaat de aandacht nog voornamelijk naar het lezen en goed uitspreken van de woorden. Als de kinderen de tekst meerdere keren gelezen hebben, lezen ze de woorden steeds makkelijker en gaan ze ook letten op de manier van lezen. Er komen pauzes op de juiste plaatsten en hier en daar wordt er al met emotie gelezen. Dit is de fase waarin vragen stel over de tekst. Wat betekent dit? Waarom zegt dit personages dat? Wat denkt hij op dat moment? Wat zijn ze aan het doen? Het leuke is dat ze vervolgens helemaal zelf meer expressie in de tekst gaan leggen. Doordat ze de tekst beter begrijpen gaan ze het verhaal spelen. Als we dan vervolgens de vloer op gaan en de tekst echt gaan spelen, inclusief handelingen en rekwisieten, verbetert hun leestechniek en -begrip nog aanzienlijk. Ze leggen emoties in de zinnen en komen zelf met bepaalde handelingen. Het is duidelijk dat ze de tekst nu echt begrijpen en kunnen genieten van het spelen met de woorden.'



In de eerste week na de zomervakantie hebben 17 leerlingen een enquête ingevuld over dit project. Ze waren enthousiast over de boeken. Veel leerlingen gaven aan dat ze meer hadden gelezen dan ze normaal in een vakantie lezen. Ook al was het 'af en toe', het was tóch winst. Er waren twee leerlingen die helemaal niet gelezen hadden. Naast Kikkers, kikkers nog meer kikkers en andere fictieboeken lazen ze voornamelijk ook graag informatieboeken en strips. Vijf leerlingen gaven aan dat ze veel gelezen hadden. Toen gevraagd werd een vergelijking te maken van hun leesprestaties van voor en na de vakantie, schatten deze vijf veellezers unaniem dat die gelijk was gebleven. Van de tien leerlingen die aangaven af en toe te lezen, vermoeden zeven kinderen dat hun leesprestaties in de zomer vooruit zijn gegaan.

Natuurlijk wilden we een meetbare indruk krijgen van de prestaties. Alle kinderen zijn daarom getoetst in de eerste week (augustus 2017). Deze gegevens zijn vergeleken met de Avi-gegevens van voor de zomervakantie (mei 2017). Ons er heel goed van bewust dat het geen wetenschappelijk onderbouwde gegevens zijn, kunnen we er wel conclusies aan verbinden die inzicht geven in de situatie. 

  • wie wel las ging niet perse vooruit maar hield het leesniveau wel op peil
  • wie niet of af en toe las hield het in enkele gevallen (bijna) op peil, maar zakte in veel gevallen terug. De terugval was soms erg sterk (tot -17 woorden)
  • de vier sterkste dalers hadden juist de verwachting dat ze gestegen waren
  • de leerlingen die vooruit zijn gegaan of op peil zijn gebleven hebben een stimulerende volwassene in de buurt
Genoeg voer voor nieuwe plannen dus.... Die gaan er komen. Vanzelfsprekend. En die ouders? Ze zijn onmisbaar! Onmisbaar voor deelname aan activiteiten en onmisbaar om het niveau van eigen kind op peil te houden of zelfs te verhogen. 


* Binnen het actieprogramma Tel mee met taal 2016 - 2018 stelt Kunst van Lezen een nieuwe, intensieve stimuleringsregeling ter beschikking aan 12 basisscholen (één per provincie), bibliotheken en POI's voor de duur van twee schooljaren.  

woensdag 21 juni 2017

(Digitale) hulpmiddelen bij taalontwikkeling

Voorlezen

Ouders met een andere moedertaal helpen om met hun kinderen aan taalstimulering te doen. We willen het zo graag! En we organiseerden voor de Ouderkamer van OBS De Octopus een cursus Digitaal Voorlezen. Het is naast belangrijk ook zo ontzettend leuk om te doen. Zeker als je vier jaar later hoort dat iets veel meer effect heeft gehad dan je op dat moment kon vermoedden... Zenab vertelde dit verhaal over haar zoon, nadat we in 2014 met een aantal Somalische moeders druk bezig waren geweest om te leren lezen in of praten over eenvoudige sprookjes

Tijdens de afgelopen weken kwamen verschillende aspecten van taal en lezen aan bod. Zo bekeken we apps en websites zoals de vakantiebiebapp, wepboek, de portal van de schoolbibliotheek en de site van Schooltv voor prachtig gedigitaliseerde prentenboeken. Ook brachten we een bezoek aan de nieuwe tijdelijke locatie van de bibliotheek. Daar is de collectie uitgebreider dan op school en kun je op dinsdag- en donderdagmiddag binnenlopen voor het Taalpunt of het Taalcafé waar onder meer de spelletjes gespeeld worden die tijdens de afsluiting van de cursus ook gespeeld werden.


Pim Pam Pet voor taal en pret.
Story Cubes: zinnen maken met bepaalde woorden op de dobbelsteen. 

We bezochten apps met Nederlandse kinderliedjes en leenden mooie boeken met aansprekende liedjes om thuis mee aan de slag te gaan. En een QR-codescanner op onze mobiele telefoons bracht ons regelrecht bij een geanimeerd boek. We bespraken de mogelijkheden van de Voorleesexpress en probeerden het theaterlezen zelf uit. 


Theaterlezen

Door de herhaling merkt Ye meteen dat ze vooruit gaat. 
Samen lezen zorgt voor beter begrip. 
'Wil jij dit met mij doen? Elke week als we in de Ouderkamer zijn?' 
Er werden afspraken gemaakt om al deze tips ook eens binnen de Somalische gemeenschap te komen vertellen. 'Want wij allochtonen,' ze schiet in de lach, 'Ja wij allochtonen lezen te weinig voor. Ik zie ons heel weinig in de bibliotheek. Nederlandse ouders wel ja, maar wij veel minder. Wij hebben geen leescultuur. Jaaaah een vertelcultuur wel, maar geen leescultuur.' En al pratende blijkt er een deelnemer onder ons te zijn die veel vrijwilligerswerk doet voor vluchtelingen. 'Voor hen is dit ook interessant.' 

Na een paar gezellige in informatieve ochtenden was het moment daar: de certificaten. Nigar, die zelf Nederlands leerde rond haar 15e: 'Ik vind het echt knap wat deze moeders doen! Ik leerde wel een nieuwe taal maar was Latijnse letters gewend. Ye is Chinese tekens gewend, andere moeders hier hebben leren lezen en schrijven in het Arabisch. En dat moeten ze er allemaal nog even bij leren. Echt knap!'

En zo is het. 


Certificaten!

vrijdag 19 mei 2017

Een boek voor jou


In januari dit jaar gaf Querido samen met Vluchtenlingenwerk dit boek uit op initiatief van Marit Törnqvist. "Er staat: 'Dit is een boek voor jou, een cadeautje om te zeggen dat je welkom bent in Nederland.'"



Het boek bevat een aantal verhalen waar elk Nederlands kind vroeg of laat wel een keer mee in aanraking komt: Jip en Janneke, Vos en Haas, Dolfje en Meester Jaap om er maar een paar te noemen. Ze zijn vertaald in het Arabisch en bedoeld om (voor) te lezen voor en door Arabisch sprekende kinderen. Een mooi cadeau! 




Dat vindt ook juf Mahnaz van obs De Catamaran. Zij ontvluchtte zo'n dertig jaar geleden de oorlog in Iran en ging zodra het mogelijk was verder met haar vroegere beroep: lesgeven aan jonge kinderen (groep 1/2). Dat was niet altijd eenvoudig en ze heeft maandenlang dag en nacht met woordenboeken in haar tas gelopen. 'Alles zocht ik op. Alles.' Meteen toen ze het boek zag, las ze me de titel in het Arabisch voor, waarna ze gretig begon te bladeren. 'Oh, ik ben zo trots op dit soort uitgaven. Hierdoor raken jonge kinderen geïnteresseerd. Het is zo belangrijk dat we deze kinderen zíén. Ik word hier blij van. Zijn er nog meer?'





Niet elke school beschikt over collega's die Arabisch spreken en lezen. Maar gelukkig zijn er soms ouders of leerlingen die dat wel kunnen. Juf Karen van de NT2-klas op obs De Octopus: 'Het is werkelijk geweldig om te zien! Eerst las Khalid (groep 8) het Arabische fragment van Pluk, daarna las hij of ik hetzelfde stuk in het Nederlands. Ze genoten van het verhaal en van het feit dat ze het Nederlandse deel nu beter konden volgen. Toen we daarna de film gingen kijken was de pret helemaal compleet. Ik denk dat dit boek een leuk opstapje kan zijn naar de Nederlandse boeken. Als ze de verhaaltjes van Annie of de avonturen van Dolfje al een keer in hun eigen taal hebben gelezen of gehoord, zullen ze dat wellicht eerder in het Nederlands proberen. De herkenning werkt stimulerend.'






zondag 19 februari 2017

Nascholing Open Boek: de kracht van theaterlezen

Met een mop. Zo begon Elseline Knuttel het liefst een ontspannen gesprek met moeilijke lezers toen ze nog in de bibliotheek werkte. 'Dan vroegen ze om moppenboeken. Die kregen ze natuurlijk wel, maar dan moesten ze eerst zelf een goede mop vertellen.' En bij die moppen ligt zo'n beetje de bron van het theaterleesspecialisme dat ze later ontwikkelde tijdens haar Master SEN-opleiding. Moppen zijn korte afgeronde teksten met verschillende karakters, vaak met ongeveer gelijke beurtname, en bevatten een gezonde dosis humor. En precies dat werkt voor bijna alle kinderen, maar zeker voor de zwakkere lezers, motiverend. Als je dit soort teksten als theatertekst leest, biedt dat de mogelijkheid om ze herhaald te lezen wat leidt tot vloeiender lezen en beter leesbegrip. 

Bij theaterlezen heeft herhaald lezen niet alleen een duidelijk doel (een leesvoorstelling), maar ook plezierige bij-effecten (leesplezier en beter lezen). Knuttel vertelt hierover voor een volle zaal met leescoördinatoren tijdens een nascholingsbijeenkomst Open Boek. 


De voordelen van theaterlezen zijn interessant:   

  • De kracht zit hem in het herhaald lezen. Je herhaalt het lezen niet omdat je zwak bent en nog een keer moet oefenen, maar omdat je straks samen met de anderen een leesvoorstelling hebt. Daar zitten ook sterke lezers bij die net zo goed herhaald de tekst lezen en instructie en/of feedback krijgen. 
  • Wie herhaald leest, leest de tweede, derde of vierde keer altijd beter dan de eerste keer. Het lezen wordt steeds vloeiender. Check maar eens bij jezelf. Als je de tekst kent, weet je beter waar je moet versnellen of vertragen, je volume moet aanpassen of een stilte moet laten vallen voor het optimale effect. Het bevordert het vloeiend lezen. 
  • Vloeiend lezen en leesbegrip gaan hand in hand. Het is zelfs een beetje een kip en ei-verhaal: wie vloeiend leest begrijpt beter waar de tekst over gaat, wie de tekst goed begrijpt, is in staat vloeiender te lezen. 'Een lezer leest vloeiend als hij snel en accuraat, met expressie én begrip leest. (...) De manier waarop een leerling een tekst hardop voorleest, is een indicatie voor het leesbegrip.' (Van de Mortel en Ballering, 2014, Verdiepend lezen, p. 27).  
  • Theaterlezen nodigt ook uit tot instructie over bij voorbeeld aandacht voor de interpunctie of frasering (melodisch, temporeel en dynamisch accent). Minilessen lenen zich er als werkvorm goed voor. Omdat expressief lezen en leesbegrip gelijk opgaan is het naast leuk ook nuttig om hier aandacht aan te besteden.
  • Theaterlezen biedt mogelijkheden voor heel gerichte feedback waarbij je precies benoemt wat de leerling goed deed. 'Goed gedaan' is erg abstract (Wat heb ik dan precies goed gedaan?). Benoem wat je wilt zeggen: 'Dit klonk erg spannend, door dat je je stem wat zachter/zwaarder/banger liet klinken.' Tips voor verbetering kun je brengen als regieaanwijzingen: 'Klinkt dat boos genoeg? Als je er een boos gezicht bij trekt, dan klinkt het ook meteen bozer. Eén van de aanwezige leerkrachten onderschrijft dit: 'Ik neem het wel eens op en dan luisteren we samen terug. Net als in het filmpje ontdekte mijn leerling zelf dat hij de eerste keer saai las en de vijfde keer niet meer.' 
  • Maar bovenal zorgt het vooral voor plezier en succeservaringen voor betere en zwakkere lezers. 

Je kunt theaterlezen op verschillende manieren toepassen, zodat variatie gewaarborgd blijft. 

  • 'Ik zet het vooral in om het leesplezier weer terug te krijgen bij sommige leerlingen. En dat werkt,' aldus een leerkracht die zag dat het leesplezier een zetje nodig had. 
  • Die zelfde leerkracht ziet deze vorm van samen lezen ook als werkvorm die zij in kan zetten naast of in plaats van Ralfi-lezen: 'De instructies die je bij Ralfi-lezen geeft kun je ook op theaterlezen toepassen. En variatie van soorten teksten en/of werkvormen is altijd stimulerend.' 
  • Ook komen de mogelijkheden om hiermee het thuis lezen te stimuleren ter sprake: theaterteksten meegeven om samen met ouders te oefenen. Dat is natuurlijk leuker dan het oefenen van de beruchte rijtjes. Bovendien kunnen ze hiermee soms net iets boven hun niveau uitstijgen door moeilijkere woorden die in de tekst voorkomen herhaald te oefenen. Van lezen wat je al kunt word je niet direct beter, van lezen wat je nog net niet kunt wel.   
  • Het kan een aantrekkelijke manier zijn om de zomerleesdip van groep 3 naar 4 te voorkomen: in de vakantie dagelijks 10 minuten met het hele gezin de tekst oefenen. Na een week (vijf dagen) oefenen wordt er een nieuwe tekst gekozen. Leesvoorstelling niet vergeten! 
  • Geef een miniles technisch lezen voor de hele groep of een instructiegroepje waarbij er gerichte ondersteuning is over een bepaald aspect dat je wilt belichten. Leent zich goed voor expressief (= voortgezet technisch) lezen. Verdeel de klas in hetzelfde aantal groepen als er rollen zijn en laat de groep samen de tekst van een bepaalde rol uitspreken.  
  • Per groepje kun je een hoofdstuk van een heel theaterboek laten voorbereiden en zo het hele boek uitlezen waarbij iedereen in de klas een (redelijk gelijke) beurt heeft.
  • 'Ik denk dat ik dit soort ideeën straks eens ga toepassen bij het behandelen van de tekst van de musical,' lacht een groep 8 leerkracht. 'En dan gewoon als leesles dus.'


Hoe de leerlingen te ondersteunen? Het is hierboven al ter sprake gekomen:

  • De herhaling op zichzelf is al een ondersteuning. Goede lezers worden er net zo goed beter van als zwakkere lezers. 
  • Expliciet letten op en oefenen met interpunctie, vloeiendheid en de verschillende soorten accenten (dynamische, temporeel en melodisch). Neem het eens op en beluister daarna samen. Bespreek de verschillen en geef gerichte feedback. 
  • Pas de ondersteuning die Ralfi biedt toe als leesinterventies bij theaterlezen

Steeds een ander publiek

Variatie zorgt vaak voor plezier, zeker bij kinderen. Voor de kinderen die het doen, en ook voor de kinderen die publiek zijn! Als het zoveelste theatermopje voorbij komt in je klas is de kracht er voor de toehoorders ook wel een beetje af. Denk daarom aan verschillende soorten publiek:
  • als er in de ouderkamer/ouderavond gesproken wordt over het belang van lezen/voorlezen, kun je de bijeenkomst van start laten gaan met een leesvoorstelling
  • denk aan weeksluitingen of projectweken
  • laat leerlingen in een lagere groep tonen wat ze hebben geleerd
  • of: laat het aan je team zien bij de start van een vergadering 

Waar vind ik beschikbare teksten? 

Theaterlezen is in opkomst. In de tijd dat Knuttel zich specialiseerde in deze vorm van lezen was er niet veel beschikbaar. Inmiddels is dat aan het veranderen. Via haar site kun je een overzicht van de materialen vinden die er zijn. En er is nog meer in de maak. 



Daarnaast gaf ze de tip om leerlingen die dat leuk vinden een zinvolle schrijfopdracht te geven: laat een kort verhaal te herschrijven tot een theatertekst. De verhalen van Meester Jaap lenen zich daar onder andere voor. De kunst voor de schrijvers is om de beschrijvingen in de originele tekst op te nemen in de dialoog. Hoe leuk is dat om te doen in plaats van een taalles uit de methode?!



Meer weten? Bezoek ook de facebookpagina van theaterlezen eens voor nieuwsfeiten, praktische tipsnieuwe theatermoppen en andere stimulansen.  

woensdag 25 januari 2017

Lees voor!

Goed nieuws op de dag van het Nationale Voorleesontbijt! Jongeren weten de bibliotheek steeds vaker te vinden, kopt het AD vandaag. In ons dBos-team hebben we wel een piepklein vermoeden waar die stijging van geleende jeugdboeken (mede) door veroorzaakt wordt ;) 

Aandacht voor lezen en voorlezen werkt. We merken het dagelijks. Kinderen die, nadat het boek jaren onaangeraakt in de kast heeft gestaan, Kukel van Joke van Leeuwen ontdekken. Wat er gebeurd is? Niks bijzonders. Uit de kast gehaald, laten zien in de klas, stukje voorgelezen en hup, daar ging ie de klas rond. Meesters en juffen die gereserveerd antwoorden als we in de klassen de nieuwste boeken komen promoten, want ja: de lessen en de toetsen... het programma zit zó vol. Twee snelle rondes met voorleesfragmenten verder vragen ze of we dit eigenlijk niet elke maand kunnen komen doen, 'want we zien dat kinderen boeken pakken die ze anders nooit zouden kiezen'. Of onzekere leerlingen die na een korte voorleescursus trots De kleine walvis gaan voorlezen in groep 1/2. En de kleuters die daar enorm van genieten.  




De Nationale Voorleesdagen zijn weliswaar gericht op de jongsten, maar met een beetje creativiteit wordt de hele school er vrij eenvoudig bij betrokken. Lezen en voorlezen staan in elk geval weer goed op de kaart deze dagen. En daar worden we blij van. Want we weten uit onderzoek en ervaring dat lang niet alle kinderen een warme voorleescultuur van huis uit meekrijgen. De landelijke monitor laat zien dat bijna de helft van de ondervraagden thuis nooit wordt voorgelezen. Naarmate de leeftijd vordert, daalt de frequentie van het voorlezen bij gezinnen waar dat wel gebeurde. Maar ook dan zijn er kinderen in groep 4 die nooit of weinig worden voorgelezen. 


Bron: De Monitor de Bibliotheek op school 

Bron: De Monitor de Bibliotheek op school 

Van groep 1 t/m 3 zijn deze gegevens niet bekend, maar leerkrachten weten uit gesprekken met kinderen en hun ouders dat het voorlezen thuis ook in deze groepen te wensen over laat. Ze stimuleren zich suf, want voorlezen is zo belangrijk voor de taalontwikkeling.

Bij leerlingen met een (dreigende) taalachterstand, proberen leerkrachten ouders te overtuigen om zich aan te melden bij de Voorleesexpress. Vrijwilligers komen gedurende 20 weken het voorleesritueel introduceren en voordoen. De ouders krijgen handvatten om het voorlezen zelf over te nemen en kinderen op allerlei manieren te stimuleren in hun taalontwikkeling. 

In veel gezinnen gaat dat gewoon niet vanzelf, weet Voorleesexpressvrijwilligster Tonny. Ze herinnert zich haar eerste gezin goed. Daar was het gezellig, de zesjarige Mariam stak veel nieuwe woorden op en begon de vervoegingen beetje bij beetje te begrijpen. Wel 'ik slaap en ik sliep', maar niet 'ik gaap en ik giep'. Ga er maar aan staan. Ook de moeder van Mariam raakte steeds meer betrokken bij de voorgelezen boeken en begon voorzichtig mee te praten. Tonny leerde gaandeweg wat Irakese woorden en staarde zich blind op de Arabische letters die Mariam's moeder haar liet zien. 'Phoe, als ik die taal toch eens zou moeten leren! Het vergrootte mijn begrip over hoe lastig het moest zijn om niet alleen in een totaal andere wereld geworpen te worden, maar ook nog eens zo'n onbegrijpelijke taal eigen te maken.' Tonny's inspanningen hebben in dit gezin tot kleine successen in de taalontwikkeling van Mariam en haar moeder geleid. Nu, enkele jaren later, rekent Mariam nog steeds op haar: 'Tonny... vakantie.... jij komt?' 


Na een innige samenwerking tussen Bibliotheek aan den IJssel en Voorleesexpress valt de Voorleesexpress vanaf januari 2017 niet meer onder Stichting Woordwijs, die het project tot een succes gemaakt heeft, maar onder Bibliotheek aan den IJssel. We bouwen dit succes graag uit en wensen alle kinderen een warme voorleescultuur en een leven lang (voor)leesplezier. Nieuwsgierig naar de Voorleesexpress aan den IJssel? Bekijk hier de Facebookpagina. 

woensdag 21 december 2016

Leesplezier bevorderen, hoe doe je dat?

Eens in de zoveel tijd zijn we bij Team dBos in de gelukkige omstandigheid om een boekpresentatie in Kinderboekwinkel De Kleine Kapitein bij te wonen. Mooie, nieuwe, bijzondere en populaire boeken passeren in korte tijd de revue. Het maakt ons nieuwsgierig en gretig en het is een goede manier om op de hoogte te blijven van het grote aanbod aan kinderboeken. 

Eén van de vele leuke taken binnen ons werk is dat we die boeken zelf ook weer op de scholen presenteren. Het is niet alleen leuk om anderen te vertellen over iets waar je zelf enthousiast over bent, het werkt ook! We schreven hier al vaker over. Zowel leerkrachten als leerlingen gaan na zo'n promotie met een stapeltje boeken én zin om te lezen de deur uit.  Nu en dan ontvangen we ter bevestiging van dit soort bemoedigende mailtjes: 






Wat kun je als leerkracht vrij makkelijk doen?

1. Kies elke week een ander voorleesboek 

Neem de proef eens op de som en stel het boek dat je gedurende één week hebt voorgelezen aan het eind van de week beschikbaar voor wie het uit wil lezen. Vraag die leerling eventueel om in de boekenkring te vertellen waarom dat boek inderdaad de moeite van het uitlezen waard was. Als je op deze wijze voorleest komen er in een schooljaar 40 titels langs! Kies titels waarvan je weet of denkt te weten dat er interesse voor is. Ga niet altijd voor de meest populaire titels. Die kennen ze al. Boekpromotie is bedoeld om leerlingen in aanraking te laten komen met wat ze nog niet kennen, maar waarschijnlijk wel waarderen. Zo hoorde Sasha in de klas voor het eerst over Gips van Anna Woltz en kwam na afloop een dealtje sluiten: 'Als ik beloof dat ik hem na school meteen kom halen, wilt u hem dan voor mij apart houden alstublieft?'  



2. "Show, don't tell"

Helemaal niks vertellen is niet handig, maar je hoeft niet altijd een fragment voor te lezen of te vertellen waar het verhaal over gaat. Laat boeken die zich daarvoor lenen ook vooral zien. Wijs op bijzondere vormgeving of mooie illustraties. Soms is aanvullende informatie ook al voldoende (de schrijver is wel eens op onze school geweest of woont in onze stad, of: dat en dat boek van hem of haar is verfilmd en dit is de trailer ervan op youtube).    

3. Leer kiezen

Sommige kinderen hebben moeite met kiezen. Boekentips van de leerkracht of van klasgenoten helpen. Maar zelf leren kiezen is ook nuttig. Een effectieve manier om dat te doen is deze: noem drie titels en laat de leerlingen er een kiezen die ze op basis van deze informatie het liefst zouden lezen. Laat dan het omslag zien en laat opnieuw kiezen. Is er iemand die nu een andere keuze maakt? Vertel iets meer over het verhaal (uit jezelf of vanaf de achterflap) en laat nog eens kiezen. Weer overstappers? Wat was de reden daarvoor? Dit kun je al dan niet uitbreiden met een voorleesfragment, informatie over een schrijver of een voorbereid pleidooi per boek door een van de klasgenoten. Laat benoemen wat iemand motiveert om voor het een of het andere boek te kiezen, dat kan anderen weer op weg helpen om te bepalen waar je op let bij de keuze. 


4. Geschikt voor mij? 

'Hoe weet ik nou of het niet te moeilijk is?' Strak vasthouden aan de wel of niet behaalde avi-niveau's is over het algemeen niet erg leesplezierbevorderend. Wijs je klas liever op de vijfvingerregel. Die is erg effectief. Lees een bladzijde en steek een vinger op voor elk woord dat je niet kent of niet kunt lezen. Vijf vingers of meer? Dan is het waarschijnlijk te moeilijk, maar als je flink andere boeken leest lukt het misschien over twee maanden wel.... 

Of je leest het toch! Omdat het nou eenmaal over een interessant onderwerp gaat. Dat is niet per sé een probleem. Een boek lezen dat een beetje (niet te) boven je niveau is, zorgt er juist voor dat je je vaardigheden vergroot. Zeker als je interesse gewekt was: dan wíl je het begrijpen en met een beetje hulp lukt dat ook vaak wel.  

Het is ook goed om iedereen in de school er op te wijzen dat de Makkelijk Lezen-boeken er niet alleen voor dyslecten zijn, maar dat deze boeken leuk zijn voor iedereen. Bovendien mogen leerlingen met dyslexie ook interessante titels uit de rest van de collectie kiezen! Het MLP-logo is bedoeld om te helpen, en vooral niet om te beperken.  

5. Pinterest

We verwijzen er wel vaker naar: Pinterest. De plek waar iedereen ideeën en inspiratie kan halen én brengen. Dus heb je succesjes uit je eigen lespraktijk dan horen we dat graag. We plaatsen het op dit verzamelbord en maken daar collega's op school en in de bibliotheek blij mee. Je vindt er suggesties om boeken, schrijvers of thema's op eenvoudige wijze in de schijnwerpers te zetten.



6. Klassencollectie

Zorg dat je in de klas altijd wat te ruilen bij de hand hebt. Dat is fijn voor die leerling die verkeerd gekozen (kan gebeuren) en voor wie het boek al uit heeft en nog niet naar de bieb kan. Let er bij het kiezen van zo'n collectie op dat je juist niet (alleen) de succesnummers pakt. Ga liever in op de actualiteit, iets bijzonders, een favoriet van jezelf of op een onderwerp dat leeft in je klas. 
De Losers en de Boomhutten hebben geen promotie meer nodig, die verkopen zichzelf wel. Kies dan juist een boek waarvan je denkt dat ze het nog niet kennen en dat een vergelijkbare vormgeving heeft. Toon niet alleen de buitenkant maar vooral ook de binnenkant. Het leggen van een verband met alledaags gebruik -de smartphone- is met dit levensverhaal van Steve Jobs een koud kunstje. En het wekt meteen de interesse. De stripachtige vormgeving is een extra bonus. 


Opvallende en aantrekkelijke vormgeving 
Let ook op variatie. Laat niet alleen fictie aan bod komen, non-fictie onder de aandacht brengen is juíst belangrijk. Strips, dichtbundels en prentenboeken worden vaak over het hoofd gezien. Jammer, want deze boeken hebben echt iets te bieden in de lagere én hogere groepen. Al eerder blogden we over de rijkdom van informatieboeken, strips en prentenboeken. Klassen waarin leerlingen plotseling het bestaan van theaterboeken ontdekken, merken dat dergelijke boeken voor een bepaalde periode niet aan te slepen zijn. Logisch, want wat is er nou gezelliger dan met zijn tweeën in hetzelfde boek lezen? 

7. Wees zelf enthousiast 
Het is misschien een dooddoener, maar het werkt. Als je zelf niet overtuigd bent, komt het ook niet over bij je leerlingen. De meesters en juffen die zelf graag lezen lijken vaak de meest overtuigende boekpromotors. En ook boeken die je niet kent of die je niet zo waardeert kun je toch promoten. 'Ik zie hier een nieuw boek over vrachtwagens, echt wat voor jou!' 'Voor de fantasyliefhebbers heb ik hier de nieuwste..... Wie wil het eerst?' Of vraag eens aan de klas wat er nou zo leuk is aan serie zus of zo, omdat jij het nog niet hebt ontdekt.